Voor een wijnmaker in Bordeaux is ‘toevoegen’ hetzelfde als verbeteren; voor veel wijnmakers in de NieuweWereld betekent toevoegen echter ‘verdunnen’.
Daarom zijn veel wijnen uit de NieuweWereld gemaakt van slechts één druivenras. Met een duur woord: mono-cépages. Daarbij richten ze zich in landen als Chili, Zuid-Afrika, Australië, Nieuw-Zeeland en Argentinië op een handvol rassen, een stuk of zes: chardonnay, sauvignon blanc, merlot, shiraz, pinot noir en cabernet sauvignon. Het heeft de wijnen uit de NieuweWereld toegankelijk gemaakt; ze waren al makkelijk te drinken, ze zijn nu ook makkelijk te begrijpen.
De Fransen, daarentegen, stellen de herkomst van de wijn centraal. Je zult daarom geen sauvignon blanc op een fles Sancerre zien staan (ook al is Sancerre 100 procent daarvan gemaakt), noch syrah op een fles Côte Rôtie, of pinot noir op een fles Pommard. En dat is verwarrend. Ik herinner me een cursist op een van mijn cursusavonden die beweerde een hekel te hebben aan chardonnay terwijl ze likkebaardend een glas Chablis inschonk.
Veel topwijnen in de wereld zijn gemaakt van één druivenras, of dat nou in de noordelijke Rhône is (syrah), Moezel (riesling), Bourgogne (chardonnay voor wit en pinot noir voor rood), Marlborough (sauvignon blanc) of Mendoza (malbec). Daar staat tegenover dat veel Europese wijnen juist mengwijnen zijn – denk aan Rioja in Spanje, Douro in Portugal, zuidelijke Rhône, Champagne, Chianti in Italië en Bordeaux. Hun succes is gebaseerd op het mengen van twee of meerdere rassen. In sommige gevallen is dat een handige verzekering tegen slecht weer bij de oogst (merlot in Bordeaux is bijvoorbeeld twee tot drie weken eerder rijp dan cabernet sauvignon), maar in de meeste gevallen leidt mengen tot synergie. Waardoor het geheel meer wordt dan de som van de delen.
De puristen onder ons zullen het wellicht niet met me eens zijn, maar ik ben ervan overtuigd dat sommige rassen – merlot, cabernet sauvignon en grenache bijvoorbeeld – betere wijn maken als ze gemengd worden dan als ze solo gebotteld worden. Sterker nog, van alle grote rode rassen, doen mijns inziens alleen pinot noir, syrah, nebbiolo en sangiovese het zonder hulp van andere rassen beter.
Curieus genoeg, geldt voor witte wijnen het tegenovergestelde. Buiten Bordeaux en Champagne zijn witte wijnen voornamelijk een aangelegenheid van één druivenras. En hun puurheid en karakter kan verloren gaan als je ze mengt of verdunt, zo je wilt.
Mijn wijntip:
● Jurtschitsch, Grüner Veltliner, Kamptal, Oostenrijk, 2010.
● Verkrijgbaar voor €10,95 bij de zaken van Gastrovino, zoals: De Laak in Nijmegen, De Kaasproeverij Veenendaal. Internet: www.gastrovino.nl.
● Proefnotitie: kristalhelder, energiek glanzend, strogeel. Kruidig bouquet dat nog in zijn puberale fase verkeert, maar wel al citrus laat zien, witte perzik, pruimen en impressies van witte peper. Zacht en romig in de smaak, met wederom witte peper, grapefruit en appeltjes. Lang en finesserijk. Heerlijk aperitief, of bij uiteenlopende visgerechten en gevogelte.
● Alcohol onder de 16? Natuurlijk niet!





Nieuwe reactie inzenden